Tips voor vilters

Vaak word ik uitgenodigd om een cursus of een lezing te geven. Dat zou ik graag willen, maar de tijd ontbreekt. Ik wil namelijk tijd overhouden om nieuw werk te maken. Wèl geef ik graag tips, ik heb geen geheimen. Hierbij dus een hoofdstuk met TIPS!

* Tip 1

In oktober 2020 heb ik weer een nieuw “werktuig” ontdekt: de PUNCHNAALD om mee te BORDUREN.

De borduurnaald zorgt er voor dat ik heel organisch werk. De hoofdvorm zet ik neer en dan gaat het vanzelf, heel vanzelfsprekend zoekt de naald de volgende plek.

Ik ben nu aan het onderzoeken wat alle mogelijkheden zijn van de borduur-punchnaald. Bij de foto  hierboven zie je dat ik een borduurring gebruik, maar die blijk ik niet altijd nodig te hebben.

Mijn inspiratiebron zijn vooral de lijnen die de natuur ons biedt: groeivormen zoals takken en gras.

Ik probeer van alles uit:
* ik zoek naar allerlei materiaal  dat ik als ondergrond kan gebruiken ( b.v. gaas; kaasdoek en zijde)
* ik zet weer eens een andere draad in de naald;  maak een variatie in kleur/ maat/ wol maar ook ander draad als hennep en zeewier.

experiment 4

Als ik eenmaal voor mijn gevoel de ruimte heb opgevuld draai ik het werk om en zet ik -waar nodig- de onderkant vast met de droogviltnaald en een plukje gekaarde wol.

===================================================
* Tip 2                                              BLUSSEN  (2020)

Als ik een tentoonstelling heb, merk ik altijd weer hoe nieuwsgierig mensen zijn naar mijn techniek. Omdat ik inmiddels zo’n twintig jaar aan het experimenteren ben met de techniek VILT weet ik dat ik op heel veel vilters een ‘voorsprong’ krijg.  Een van de belangrijkste TIP die ik dan heb is dat ik gebruik maak van “glaceren”, een techniek die kunstschilders gebruiken. Inmiddels heb ik er een nieuw woord voor gevonden: BLUSSEN. Omdat ik in mijn project HULDE veel met ‘HUID’ werk heb ik me dit eigen gemaakt.  HUID heeft in veel nuances de kleur ROSE.  Aan de hand van twee foto’s laat ik zien hoe ik werk:

De kleur van het werk wordt ‘egaler’ door een laag (opengetrokken) naaldvilt  op het werk vast te maken.

===================================================* Tip 3   (januari 2022).

INSECTEN wordt het thema van de presentatie zomer 2022 van de Waterlandse Kunstkring.

Afgelopen tijd ben ik  insecten aan het maken van wol. Om deze op diverse werken als afbeelding aan te brengen heb ik een nieuwe techniek:

Ik begin met een duidelijke tekening.

Daarna maak een wat grotere afbeelding dan ik uiteindelijk ga gebruiken. (foto1)

foto 2. Deze afbeelding prik ik op een “lapje” wol. Terwijl ik de afbeelding vastprik zet ik het insect wat “krapper” op de wol.

foto 3. Daarna werk ik de afbeelding af door duidelijke lijnen (hier met zwarte wol en het witste materiaal dat ik heb (fiber en/of vlas) te maken aan de buitenkant.

Inmiddels is de afbeelding zo’n tien centimeter gekrompen.  Als ik het insect straks op het uiteindelijke doek vastzet, zal ik ook hier proberen de afbeelding compacter te maken.

===================================================* Tip 4              RAFELS

Rafels gebruik ik vaak in mijn textiele werken. Het zorgt voor effecten die heel goed passen bij mijn werk. (thema verval)

Hierbij wat tips hoe ik deze rafels maak.

Het ‘stuk’ maken van het materiaal doe ik meestal met gereedschap. Daar heb ik prachtige tangetjes en haken voor, ooit gekregen van mijn tandarts.

*Waardevol materiaal zijn de zomen van een sjaaltje.  Scheur ze van het sjaaltje af, liefst met nog een stukje stof erbij, zodat je de stof nog kunt rafelen. Ideaal voor harige pootjes!

*Om stof te rafelen kun je open-geweven doek gebruiken. In de open stukken maak je verschillende ‘knipjes’ met een klein schaartje. Dan uitrekken en het resultaat bekijken.

Het zorgt voor afwisseling en meerdere structuren.

*Ander gereedschap dat ik gebruik bij het droogvilten zijn de reverse punchnaalden. Heel mooi om een ‘harig’ effect te krijgen.

Deze naalden zijn voor mij op dit moment goed te gebruiken omdat ik insecten aan het maken ben.

N.B. * Reverse viltnaald:    De reverse naalden zijn te krijgen bij b.v. Q-Art in Nuenen. Deze naalden werken omgekeerd.    De weerhaken op deze naald staan de andere kant op, ze trekken de vezels naar buiten i.p.v. de vezels naar binnen te drukken . Dit is handig om een pluizige afwerking te krijgen.

===================================================

* Tip 5

Gebruik van PRINTJES

In de kringloopwinkel koop ik graag sjaaltjes, ook als ze beschadigd zijn.        Vooral ben ik dol op shawls waar geen specifieke afbeelding op staat maar een ritme , zoals bij dierenprints.

*Op deze manier maak ik gebruik van de PRINTJES op zo’n sjaal:         Ik knip er delen uit en bewerk met de punchmachine deze delen met wol in de vele kleuren die ik wil gebruiken bij dit doek. Door de herhaling van een kleur krijg je ook een zeker ritme in je doek.

Ik maak altijd VEEL materiaal aan, zodat ik een ruime keuze heb. Alles wat ooit teveel was, krijgt later wel weer een bestemming.

===================================================

*tip 6

STRUKTUREN en LIJNEN

Om mijn werk ‘interessanter’ te maken maak ik gebruik  van strukturen en lijnen. Hierbij een uitleg aan de hand van foto’s:

fase 1 bij tip 6het oppervlak is redelijk ‘vlak’.

fase 2 bij tip 6een draad toevoegen

Deze draad heeft een andere kleur en leg ik op het werk. Daaroverheen leg ik een beetje wol.

fase 3 van tip 6Met de punchnaald maak ik de draad vast 

Door wat langer te ‘punchen’ komt er een verschil van hoog en laag.


*tip 7.

PUNCHEN met de hand:                                                Ik heb een favoriete vilthouder; hierbij zitten drie naalden naast elkaar. Hierdoor kan ik beter ‘vormen’ en steek ik de naalden zó dat ik beter kan richten.  Nadeel van deze naaldhouder  is dat- al werkend- de naalden niet altijd op dezelfde hoogte blijven zitten.   De laatste tijd zet ik de naalden (voorlopig )  vast met GRIPP , plakband waar ik erg enthousiast over ben.  Dit plakband kun je namelijk steeds opnieuw gebruiken! drie naalden naast elkaar.

ronde naaldhouder voor 5 naalden.

In plaats van 5 naalden zet ik  hier twee punchnaalden in . Zo kan ik beter ‘richten’ en dit werkt dus sneller dan de vilthouder voor EEN naald.

* TIP 8.               vervolg van tip 7.                                                       Om meer diepte te krijgen in een lijn kun je deze ook opvullen met speciaal materiaal. Ongetwijfeld gebruik je bij het prikken een ondergrond van schuim. In mijn schuim blijft altijd wat wol achter. Dit is prachtig materiaal!  Ik gebruik het vaak. Eerst ‘pluk’ ik het uit het schuim. Omdat er vaak veel verschillende plukjes wol  achterblijven, krijg je een mooie mix , dus geen specifieke kleur. Dit is daarom  heel mooi te gebruiken!

* tip 9

Nu ik met de jurk PARADE 2022 bezig ben, merk ik hoeveel geduld je moet hebben. Ik werk hier namelijk aan beide kanten . Maar als je aan één kant gewerkt hebt, heeft dat consequenties voor de andere kant. Deze kant moet ik dan ook weer opnieuw bewerken.

Heel duidelijk zie je verschil in hoeveel tijd er aan een  viltwerk is besteed.   Voor een beginner is dit een instinkertje. Je bent zo enthousiast over het resultaat!  Veel later zul je wel zien dat je werk nog niet echt gevilt is.

*tip 10. SLUIPWESPEN

In mijn atelier heb ik wat motten ontdekt. Om ze te bestrijden heb ik nu 3 (kleine) containers met sluipwesp-eitjes uit staan in mijn atelier. De eerste zending was op 14 april. Na eerst heel kleine kruipende beestjes gezien te hebben zie ik nu (28 april) duidelijk de sluipwespen! Ben heel benieuwd naar het resultaat. Wordt vervolgd.

===================================================

Deze lijst zal ik regelmatig aanvullen!

Foto's